LIFESTYLE

Ghanaian life #11: Fancy Dress festival, werken aan mijn bedrijf en naar de Volta Region

Het lijkt alweer maanden geleden dat ik drie maanden in Ghana wonen (en dat is het eigenlijk ook). Jullie hadden de laatste weekoverzichten nog van mij tegoed, dus bij deze: weekoverzicht numero 11. Vandaag lees je onder andere over het jaarlijkse Fancy Dress festival in Winneba, mijn beginnende werkzaamheden voor Dreams from Ghana en onze minivakantie in de Volta Region.Wli Waterfalls Ghana

2 januari t/m 8 januari

Sinds ik hier in Winneba woon, vragen de kinderen uit de buurt me al of ik op 2 januari ook nog in Ghana ben. Maandag (2 januari dus) werd namelijk het Fancy Dress festival gevierd, hét (oké er is nog een festival) van het jaar in Winneba. Vanaf de kerst liepen kinderen en volwassen al verkleed rond in gekke pakjes met enge maskers, en nu was dan de grote dag aangebroken. Ik had op internet gelezen dat het waarschijnlijk heel druk zou worden, en dat we op tijd moesten zijn wilden we eerste rang gaan zitten. Overigens stond nergens vermeldt hoe laat het zou beginnen, volgens het internet moesten we er zeker om acht uur ’s morgens zitten. Om negen uur kwamen we aan bij het park. Ik was al lichtelijk gefrustreerd omdat ik dacht dat het wel vol zou zitten. Niets van dat was waar. Er waren nog heel veel stoelen op de eerste rij vrij. Vanaf toen begon het lange wachten. Het festival begon namelijk pas om half twaalf.

Eerst gingen de kinderen en volwassenen (in gekke pakjes en met enge maskers) een soort optocht houden, daarna moesten ze heel lang in de volle zon wachten want allemaal belangrijke mensen gingen spreken en daarna over het veld lopen. Wat het doel daarvan was, is me totaal ontgaan. Na die oersaaie aangelegenheid werden we getrakteerd op dansjes. Elke groep (vijf groepen) ging tien minuten dansen, en uiteindelijk werd er een winnaar gekozen. Alle dansjes leken enorm op elkaar. Daarnaast waren er nog wat akkefietjes omdat het uiteindelijk wel heel druk werd (alleen niet om acht uur ’s morgens). Wij zaten vlak naast een opening van stoelen, dat was bedoelt zodat de dansers daar het veld konden betreden maar het werd door de bezoekers gebruikt om er te staan. Ze stonden echt gewoon op het veld, waardoor wij soms niet konden zien. Er was politie, maar die mensen lachten de politie gewoon uit. Dat vond ik heel apart. Op een gegeven moment was iedereen er klaar mee, en probeerde een man iedereen van het veld af te duwen. Hartstikke dom natuurlijk, want iedereen raakte in paniek en wij kregen een stuk op dertig mensen op onze schoot.

We zijn voor het einde weggegaan. Ik vond het na vijf keer tien minuten dansjes kijken en daarna kwamen ze zelf nog een keer dansen, wel weer genoeg. Het was zeker leuk om een keer mee te maken, maar ik weet niet of ik er jaarlijks naar toe zou gaan. Het was zo typisch Ghanees langdradig en ook een beetje eentonig. Aangezien er de rest van het jaar hier in Winneba bijna niks gebeurt, snap ik overigens wel dat mijn buurkinderen er al vanaf oktober naar uitkeken.

Dinsdag hielden we weer even een rustdag. We zijn naar de vrouw geweest die mijn kleding gaat maken, zodat ze mijn maten op kon meten. Verder heb ik aan de documenten voor mijn bedrijf gewerkt. Ik vind het lastig om er hier aan te beginnen. Voornamelijk omdat ik geen internet heb (alleen via mobiel) en het dus heel moeilijk is om een model of theorie op te zoeken. Ik doe wat ik kan, en teug in Nederland wordt het de eerste week flink bikkelen. Ik moet dit namelijk al over een krappe twee weken inleveren.

Keta Ghana

Yes! Woensdag was de dag dat we eindelijk weer even voor een tijdje buiten Winneba gingen. We startten de dag in Kasoa, om (zoals altijd) geld te pinnen. Vanuit daar gingen we richting Keta. Daar hadden we twee nachten geboekt in een soort strandhutjes. Heel schattig. De eigenaren (een Ghanees en een Italiaanse) waren enorm aardig. We kwam vrij laat (rond 16.00 uur) aan (waarom schrijf ik nog wel in een aparte post over deze vakantie) waardoor we de rest van de dag niet veel hebben gedaan. De hutjes stonden ongeveer twee minuten van de zee af, dus we hebben een tijdje bij de zee gezeten voor we gingen slapen.

Een korte update over mijn grote teen: dat gaat niet heel veel beter nog. In Keta heb ik wel een paar keer een sodabadje genomen. Het lijkt erop dat het hielp. De ontsteking zelf (aan de zijkant) is helemaal weg, maar doordat ik er zolang al mee liep (kon geen soda vinden) was er ook al het een en ander gegroeid (om zo min mogelijk details te geven, zit je vast niet op te wachten). Dat is het meest pijnlijke. Hopelijk is het 21 januari allemaal over. Ik zie het niet echt zitten om met sandalen aan in het vliegtuig te stappen, en erger nog: er in Nederland uit te stappen…

Keta Ghana

Donderdag startten we de dag met een lekker ontbijtje met ei en geroosterd brood. Ik ben er inmiddels van overtuigd dat het Ghanese brood bedoeld is om eerste te roosteren, in de koekenpan te bakken of in de oven te verwarmen. “Rauw” is het namelijk niet te doen, maar als het eenmaal warm en knapperig is, is het eigenlijk best wel lekker. Misschien hebben de Ghanezen dat zelf nog niet door.

We kregen ook nog een stukje Italiaanse salami. Eigenlijk eet ik tegenwoordig vegetarisch, maar ik besloot een uitzondering te maken. De vrouw had het namelijk helemaal uit Italië meegenomen, en Mister (Ghanees als ie is) wilde het niet eens proeven. Ik vond het zielig voor haar om het onaangeroerd terug te geven. Jammer genoeg vond ik het helemaal niet lekker. Veel te hard en te zout. Zijzelf vond het heel raar dat we het niet op hadden gegeten. Volgens haar vond iedereen, zelfs Ghanezen, het super lekker. Ik persoonlijk denk dat ’t niet waar is. Kan me niet voorstellen dat Ghanezen dat proeven en ook nog lekker vinden.

De rest was de dag waren we vooral op het strand te vinden. We hebben een stukje gelopen (en na vijf minuten vonden we dat het tijd was voor een drinkpauze bij een strandtentje), en de buitenkant van een oud slavenfort bezocht. Voor 20 cedi per persoon zouden we een rondleiding krijgen. We hadden niet zoveel geld op zak, maar ik vond het ook vrij duur voor zo’n klein fort. Voor Cape Coast Castle betaal je ongeveer hetzelfde, maar dan ben je ook wel een tijdje zoet met de rondleiding.

Terug bij de hutjes speelden we memory. Mister begreep eerst totaal niet wat de bedoeling was, waardoor ik alle potjes won. Toen ie het eenmaal door had trouwens ook.

Wli Ghana

Vrijdag vroeg na het ontbijt namen we afscheid van de eigenaren en reisden we via Aflao naar Hohoe, meer noordelijk in de Volta Region. Deze reis was enorm lang, veel langer dan verwacht. Tussen Ho en Hohoe was de weg ook extreem slecht. Gaten, stof. Geen weg waar je uren op wilt rijden.

Rond 15.00 uur kwamen we aan in Wli, het dorpje waar we zouden slapen. Na enig twijfelen besloten we de rest van de dag op de lodge te blijven, in plaats van naar de waterval te gaan. Dit betekende helaas ook dat we de beklimming van Mount Afadjato gingen skippen. Ergens ook wel goed, want we zouden dankzij de harmattan ook niet veel van het uitzicht kunnen zien. De andere gasten op de lodge waren veelal Nederlands sprekenden. Heel apart. Er was een Belgisch gezin dat door Ghana (en de wereld?)  reisde. Ze gaven hun kinderen ook zelf onderwijs. Iets wat ik vroeger heel graag wilde met mijn ouders (maar is dus nooit gebeurd). Misschien in de (verre) toekomst met mijn eigen kinderen?

’s Avonds at ik couscous wat echt een flinke aanrader is.

Wli Ghana

Zaterdag was het de dag waarop we de waterval wel gingen bezoeken. De Wli Waterfalls bestaan uit een lager gelegen waterval, en een hoger gelegen waterval. De hoger gelegen kan je vanaf de grond niet zien. Omdat ik de lager gelegen al een keer had bezocht, besloten we ook de hoger gelegen te bezoeken. Nou ik heb het geweten. Ik liep ook nog steeds te sukkelen met mijn grote teen, dus ik moest de hike op sandalen doen.

Het was enorm zwaar. Er was bijna geen normaal pad, alleen wat kronkelpaadjes met amper genoeg ruimte. Daarnaast gingen we ook bijna steil naar boven. Onze gids had al verteld dat de meeste mensen bij ‘t het “view point” wel genoeg vinden. Ik kon me daar heel goed in vinden, dus wij zijn uiteindelijk ook tot het view point gegaan. Vanaf daar kon je dus de hoger en lager gelegen waterval zien. Om echt naar de hoger gelegen waterval te gaan was het nog anderhalf uur klimmen, steil en smal. Het bleek dat de meeste (alle) mensen die naar de hoger gelegen willen, dat doen via een veel langere hike (6 uur) omdat die niet zo steil is. Als we dat nou eerder hadden geweten hadden we dat kunnen doen.

Na de hike gingen we naar de lager gelegen waterval. Het was zaterdag, dus ik dacht dat het superdruk zou zijn maar dat viel heel erg mee. We waren bijna de enige. Ik heb nog even gezwommen, en ik heb geprobeerd om onder de waterval te gaan staan. Dat viel niet mee. Er was zoveel wind (door de waterval natuurlijk) en het water was ijskoud. Uiteindelijk vond ik het ook wel genoeg geweest.

Rond 13.00 waren we weer terug op de lodge (die ongeveer vijf minuten vanaf het tourist centre van de waterval ligt). Daar hebben we geluncht, een dutje gedaan, gevolleybald en vooral niet teveel inspanningen verricht. ’s Avonds at ik weer couscous (gewoon een aanrader als je ooit Wli Falls lodge bezoekt) en als toetje hadden we een heus bakje ijs.

Lake Volta Ghana

Zondag na het ontbijt gingen we op weg naar onze laatste bestemming: Peki. Rond 12.30 waren we daar, en we besloten direct te vragen waar we Lake Volta konden zien. Er waren twee plekken vlakbij. We besloten te gaan voor Old Dodi. Het laatste stukje gingen we (met z’n drieën, inclusief driver) op de motor. Dat was leuk! Eenmaal aangekomen bij ‘het strandje’ vond ik het wel een teleurstelling. We zaten echt bij de rand van het meer (als in; zoveel viel er niet te zien) en het stonk er naar poep en dode verrotte vis. Vlak voor we weer weg wilden gaan (na vijf minuten rondkijken), kwam er een man naar ons toe met de vraag of we een boottocht wilden doen. Heel veel slechter dan wat we tot dan toe hadden gezien kon het niet worden, dus we besloten het te doen (waarschijnlijk voor veel te veel geld, dat dan weer wel).

Terwijl wij wachtten op de man die ons zou varen, kwam er een grotere boot met zingende mensen aan. Zij kwamen van een ander dorp en gingen een voetbalwedstrijd spelen. Het leek er alleen net op of dat ze een soort inheemse stam waren die voor het eerste vaste land zagen. Dat was best wel hilarisch. Het werd nog grappiger toen een jongen van de boot ‘stiekem’ (ik zag het immers) foto’s van mij ging maken. Vervolgens ging een andere jongen naast mij zitten, en gingen ze foto’s van ons samen maken. Toen dacht ik ‘als ze dan toch foto’s maken, kan ik er maar beter leuk op staan’ dus toen ik lachte voor de foto had ik hun dag al helemaal gemaakt. Nu sta ik dus op een stuk of twintig foto’s, met totaal onbekende jongens op een telefoon van iemand die ik totaal niet ken.

Vlak hierna kwam de man die ons ging varen. We bezochten een eiland (ik denk Dodi Eiland) in Lake Volta. Toen we daar bijna aankwamen dacht ik nog ‘hoe cool is het als je hier een guesthouse begint, zo op een onbewoond eiland’, dichterbij bleek het al snel dat het eiland niet onbewoond is. Er was een heel dorp (een paar kleien hutjes) gebouwd, en er was zelfs een school (een verzameling schoolbankjes). Het leek er ook een beetje op dat de bewoners wel blanke bezoekers gewend waren, dus hoe spontaan dit tripje was weet ik ook niet.

Rond 18.00 (het duurde heel lang om vervoer terug te krijgen) waren we terug op onze slaapplek: Roots Yard. Een verstopte plek in het dorp Peki. Het is een soort reggaeplek, met als nadeel dat er veel (wiet) gerookt werd. Maar verder was het heel leuk om te verblijven. Op de website verklaren ze dat al het eten en drinken veganistisch is, maar op het bord aan de weg staat vegetarisch. Ik denk dat ze dat doen om zichzelf in te dekken dat ze wel honing serveren. Maar goed. Naast dit alles verkopen ze geen frisdrank, maar alleen maar sapjes. Mijn favoriet was mango, ananas, banaan en pawpaw (papaya?). Als diner hadden we een burger gemaakt van sojabonen. Zelfs Mister (die vet schrok toen ie het woord ‘vegetarian’ las “really no meat???”) vond het heel erg lekker, en dat zegt wat.

Tot zo ver onze minivakantie. Ik zal er nog een keer uitgebreider op in gaan. De komende laatste anderhalve week blijven we vooral thuis. Ik hoop dat mijn kleding op tijd af is, en we gaan nog een dagje naar Kokrobite.

Liefs, Jennifer

PS: Ik heb deze weekoverzichten toen ik nog in Ghana was geschreven.

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply